Tour de France etappe 4: Saumur – Limoges

Saint Savin sur Gartempe

Op zes seconden na deden ze er zes uur over, die 223,5 kilometer van Granville naar Angers. Voor de Ronde van Vlaanderen van dit jaar had Peter Sagan slechts tien minuten meer nodig, terwijl die toch ruim dertig kilometer langer is en over een veel lastiger parcours gaat. Rit nummer vier is nog veertien kilometer langer.

Kortom: dat belooft wat. Ik hoop dat de analytici dit keer wel wakker kunnen blijven.

Wat het er nog ‘mooier’ op maakt is het feit dat er ook nu maar één bergpunt te behalen is. We kunnen de vraag stellen: waarom zou u überhaupt de moeite nemen om de rit te kijken? Volstaat het zien van de samenvatting niet?

Misschien kan ik u overtuigen om toch naar het scherm te koekeloeren. Laten we eens proberen of de route toch nog interessant is.

Kaart

Ik heb voor de aardigheid eens geprobeerd dit parcours eens na te maken in Google Maps. Het koste me welgeteld twee minuten om het voor elkaar te krijgen.

Heb ik u al enthousiast gemaakt? Ik vrees van niet.

Profiel

Profile

Zoals eerder aangegeven, slechts één bergpuntje. Jasper Stuyven zal er niet om malen, maar voor de kijkers en strijdlustige renners hadden er misschien toch nog een paar bij gemogen. Voor de statistieken dan maar…

Km 182.0 – Côte de la Maison Neuve (D25-D7) (1.2 kilometer aan 5.6%, 4e categorie)

Overigens: als niemand interesse heeft in het puntje wil ‘m trouwens wel pakken. Kom ik toch mooi in de annalen van de wielersport. Christian Prudhomme hoeft me alleen maar even te bellen, een vliegtuigje te regelen en dan zorg ik dat ik wel als eerste over de streep komt. Geen probleem.

Voor een spectaculaire tussensprint hoeft u er ook niet al vroeg voor te gaan zitten. Die krijgen we pas na 170 kilometer. Ze gaat wel ook lichtjes bergop. Misschien een opmaat voor de eindsprint?

Intermediate sprint

Voorlopige conclusie: ga pas kijken na een kilometer of 165. Volgens het langzaamste schema is dat zo rond tien voor vier.

Hoe zou het bedenken van deze rit zijn gegaan? Komt Christian Prudhomme bij de parcoursbouwers en zegt ‘ie: “we hebben eigenlijk een ritje van Saumur naar Limoges nodig.”
“Maar, Christian, dat is idioot ver fietsen. Dan kunnen we bijna niets leuks in de etappe steken.”
“En? Je hebt het maar te doen.”
“Oké, baas.” De wijze parcoursbouwer schudt zijn hoofd.

Zoiets moet het toch geweest zijn volgens mijn fantasie.

En, lieve lezers, gaat u nu de hele dag aan de buis gekluisterd zitten? Ik geef u groot gelijk dat u lekker bananen gaat lezen, of iets dergelijks, en pas om iets voor vijven eens inschakelt.

Toch nog iets positiefs?

De laatste kilometer ziet er dan wel weer interessant uit.

Last km

Het loopt lichtjes bergop. Zodra ze in Limoges de Vienne over zijn loopt het op. En dat gaat nog een stukje heftiger dan tijdens etappe drie. Het is een goede vijfhonderd meter. Dat levert vast een aardige sprint op.

Maar ja, zo geeft u terecht aan, “dat is pas de laatste kilometer. Moet ik daarom al van ik-weet-niet-hoe-vroeg gaan kijken?”

Zoals u weet is de Tour de France de zo ongeveer de VVV op wielen. Dus het kan niet anders dan dat de organisatie het helemaal goed gaat maken met prachtige plaatjes van kastelen, drukke dorpjes en zwaaiende mensen in een weiland. Zo is daar bijvoorbeeld de abdij van Saint-Savin-sur-Gartempe. Deze kerk stamt uit 1090 en ziet er nog altijd indrukwekkend uit. Mooie fresco’s ook. Daarnaast is Montmorillon eveneens wel een mooie plaats als ik de foto’s zo bekijk. Verder hebben de start- en finishplaats natuurlijk ook het één en ander te bieden.

Een goede blik in het routeboek leert ons dus dat de afdeling flora, fauna en mooie vergezichten in ieder geval nog voldoende werk heeft. Maar om er nu de hele middag voor te gaan zitten?

Hoop doet leven

En dat is, dames en heren, waar de grote liefhebbers zich van de gemiddelde wielervolger onderscheiden. Niet dat u zich minderwaardig moet voelen als u slechts een gemiddelde volger bent, hoor, daar niet van. Als u zegt dat zo’n dag niet om aan te zien is snap ik dat volledig. Maar de mensen die iets vaker naar een fietsende groep mensen kijken dan gemiddeld weten dat er altijd eens iets kan gebeuren.

Soms is één Midas Wolf die langs de kant van de weg staat te blazen al genoeg om de hele rit te laten ontsporen. Soms kan één gril van Moeder Natuur alles in het honderd sturen. Soms levert één verkeerd genomen bocht een rit op van epische proporties. Soms… nou ja, u begrijpt het. De vooraf als ‘vetste rit ooit’ bestempelde ritten baren nog wel eens muizen, terwijl een weergaloze rit soms komt wanneer je ‘m absoluut niet verwacht.

Drie voorbeelden uit de drie grote rondes. Allemaal vrij recente voorbeelden, ook.

En als ik u deze boks laat zien, dan weet u toch ook nog om saaie vlakke rit het gaat?

Wielrennen is met andere woorden de sport van hoop. Zo’n 97,4 procent van mijn wielerdromen blijken achteraf valse hoop te zijn. Maar o, als de gebeden verhoord worden kan dat toch zo mooi zijn. Laten we daarom ook met z’n allen bidden voor een legendarische rit.

En anders maak ik u graag wakker rond een uur of half vijf.

*****
Peter Sagan
****
André Greipel, Mark Cavendish
***
Bryan Coquard, Alexander Kristoff, Marcel Kittel
**
Edward Theuns, John Degenkolb, Michael Matthews, Sondre Holst Enger
*
Dylan Groenewegen, Christophe Laporte, Daniel McLay, Davide Cimolai, Ramunas Navardauskas, en voor de hoop: Greg van Avermaet

Omdat ik ‘m zo mooi vind, bovenaan dit artikel de abdij van Saint-Savin-sur-Gartempe. Unesco-materiaal (Foto van sybarite48 via VisualHunt.com / CC BY).

Auteur: Tim de Vries

Schrijft. Praat in microfoons. Fietst. Geniet. Doet verder nog allerlei andere dingen. Heeft zelfs meningen. Het is me allemaal wat.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *